Adolescents’ perspectives on chronic medication use: opportunities for mHealth

  • Naam promovendus: Mevrouw R. Kosse
  • Instituut Universiteit: Richelle Kosse
  • Datum van promotie: 20-12-2018
  • Proefschrift afgesloten

“Adolescents’ perspectives on chronic medication use: opportunities for mHealth”.
Het doel van dit proefschrift was om het perspectief van adolescenten op hun geneesmiddelgebruik in kaart te brengen, en om te onderzoeken wat het effect van een mHealth interventie (gekoppeld aan de apotheek) is op de therapietrouw en zelfmanagement van adolescenten met een chronische ziekte.

De titel van mijn proefschrift is “Adolescents’ perspectives on chronic medication use: opportunities for mHealth”. Hierin zijn negen onderzoeken gebundeld. Het eerste doel van het proefschrift was om het perspectief van adolescenten op hun chronisch geneesmiddelgebruik in kaart te brengen. Daarom hebben we het medicatiegebruik van adolescenten (leeftijd 12-18 jaar) onderzocht met behulp van apotheek aflevergegevens. Hieruit bleek dat de meeste recepten werden opgehaald voor medicijnen voor het zenuwstelsel, ademhalingsstelsel, en dermatologica. Vervolgens hebben we exploratief gekeken naar hoe adolescenten denken over chronisch geneesmiddelgebruik, met een focus op adolescenten met atopische dermatitis, ADHD, en astma. Hieruit bleek dat zorgverleners, waaronder apothekers, extra aandacht moeten besteden aan adolescenten, want adolescenten zijn over het algemeen niet therapietrouw en het principe van de behandeling is niet altijd duidelijk. Ook hebben ze een onverschillige houding tegenover hun chronisch geneesmiddelgebruik.
Het tweede doel van het proefschrift was om te onderzoeken wat het effect van een mHealth interventie (gekoppeld aan de apotheek) is op het verbeteren van therapietrouw en zelfmanagement van adolescenten met astma. We hebben in samenwerking met adolescenten een mobile health (mHealth) interventie ontwikkeld. Deze bestond uit een smartphone applicatie (app) voor astma patiënten, die gekoppeld was aan een computer programma in de openbare apotheek; de ADolescent Adherence Patient Tool (ADAPT). De app bevatte verschillende functies, met als doel om de therapietrouw van adolescenten met astma te verbeteren. We hebben de ADAPT interventie getest in een geclusterd gerandomiseerd onderzoek waaraan 66 openbare apotheken deelnamen. Adolescenten met astma werden uitgenodigd voor deelname aan het onderzoek. Deelnemers in de interventie groep hadden zes maanden toegang tot de interventie. In totaal hebben 234 adolescenten deelname aan het onderzoek afgerond. Uit deze trial bleek dat een mHealth interventie de therapietrouw van adolescenten met astma alleen verbeterde wanneer ze slecht therapietrouw waren. Er was geen effect gevonden op de astma controle of kwaliteit van leven. De vragenlijst om de astma symptomen te monitoren was de meest gebruikte functie in de app, en het gebruik van de chat met de apotheker had als enige functie een positief effect op het verbeteren van de therapietrouw. De proces evaluatie benadrukte de mogelijkheden voor mHealth, want astma patiënten en apothekers waren positief over de interventie. Echter, de verdere implementatie van mHealth is complex en daarvoor zijn onder andere passende vergoedingsregelingen en steun van beroepsorganisaties nodig.
Mijn proefschrift laat zien dat adolescenten met een chronische aandoening een speciale patiënten groep zijn, die extra aandacht nodig hebben van zorgverleners. Hier ligt een rol voor apothekers, aangezien zij verantwoordelijk zijn voor medicatiebegeleiding. Jongeren komen echter niet vaak in de apotheek, daarom valt hier veel te behalen, bijvoorbeeld door middel van interactieve mHealth interventies, want dit verbeterd het contact tussen de zorgverlener en de adolescent. Daarnaast verbeterde de ADAPT interventie de therapietrouw van astma patiënten die niet-therapietrouw zijn, en staan apothekers positief tegenover mHealth. Mijn proefschrift laat dus zien dat er mogelijkheden zijn om door middel van mHealth het medicatiegebruik van jonge astma patiënten te verbeteren.

Voortgekomen uit onderzoek 9.2.17.213