Self-management interventions

  • Naam promovendus: Dr N.H. Jonkman
  • Instituut Universiteit: Nini Hannah Jonkman
  • Datum van promotie: 17-03-2016
  • Proefschrift afgesloten

In het proefschrift is onderzocht voor welke subgroepen van COPD patiënten programma's om hun zelfredzaamheid te bevorderen beter werken. Ook is onderzocht met welk type programma's grotere effecten worden op kwaliteit van leven, ziekenhuisopnamen en mortaliteit worden bewerkstelligd.
Dit is tevens gedaan voor hartfalen patiënten, om te onderzoeken of verklarende factoren ziektespecifiek zijn of wellicht de ziekte overstijgen.

Zelfmanagement voor mensen met een chronische ziekte wordt tegenwoordig gezien als een essentieel onderdeel van de behandeling. Studies om de effectiviteit van dit soort interventies aan te tonen laten echter zeer uiteenlopende resultaten zien waardoor zorgverleners met vragen blijven zitten hoe ze dit soort interventies moeten toepassen bij hun patiënten. In dit proefschrift is onderzocht welke patiënten meer baat hebben bij zelfmanagement interventies en welk type interventies beter werkt. Dit is gedaan door de ruwe data op te vragen van eerdere studies op dit gebied en deze samen te voegen in 1 grote database. Om te onderzoeken of effecten ziekte-specifiek zijn of voor meer aandoeningen gelden is dit parallel gedaan voor patiënten met hartfalen en patiënten met COPD. We konden de data van 14 studies (3282 patiënten met COPD) includeren in onze database.
De analyses lieten zien dat zelfmanagement interventies effectiever waren in mannen, patiënten met ernstigere luchtwegobstructie, zwaarlijvige patiënten en patiënten met een matig vertrouwen in eigen vaardigheden. In geen van deze groepen was het effect consistent over meerdere uitkomsten. Er was geen bewijs voor een consistent voordeel over verschillende uitkomsten. Gezien de positieve effecten in alle patiënten op kwaliteit van leven en ziekenhuisopnamen, ondersteunen de bevindingen het implementeren van zelfmanagement interventies in de behandeling van patiënten met COPD, ongeacht het type patiënt. Zorgprofessionals zouden niet doelgericht zelfmanagement enkel aan specifieke subgroepen van patiënten moeten aanbieden.
De analyse van verschillende programma onderdelen van de zelfmanagement-interventies voor COPD patiënten tonen dat interventies die langer duren (in maanden) het risico op ziekenhuisopname verminderden (tijd-tot-opname, op 6 maanden en op 12 maanden). Het leek dat ook een toenemende intensiteit het risico op ziekenhuisopname verminderde, maar dit effect verdween toen we corrigeerden voor andere kenmerken in een multivariabele analyse. Hoewel weinig effectieve ingrediënten van zelfmanagement interventies boven water kregen, lijkt het erop dat een langere duur van interventies leidt tot betere gezondheidsuitkomsten in patiënten met COPD. In de patiënten met hartfalen vonden we vergelijkbare resultaten.

Voortgekomen uit onderzoek 8.1.16.114